Winkelwoonhuis


LocatieVaartweg e.v.
TypeWinkelwoonhuis
Onderdeel van
Bouwperiode1906 - 1906
Opdrachtgever
ArchitectBrouwer Rz., C.
Datum aanwijzing

Inleiding
Twee winkelhuizen met pakhuizen, in 1906 gebouwd naar het ontwerp van C. Brouwer Rz.
Het pand is gesitueerd aan de Vaartweg ter hoogte van de splitsing met de Havenstraat, waar oorspronkelijk een brink was gesitueerd.
In het ontwerp is ingespeeld op de situering. Op de zuid-hoek is een toren ontworpen. Het pand staat aan de oostzijde vrij.
Het pand is ontworpen in de Jugendstil. De elementen die zijn ontleend aan de Jugendstil zijn met name het onregelmatige en asymmetrische silhouet, de boogvormen, de vorm van de vensters, het ontwerp van de erker aan de voorzijde, de stucwerk accenten als afsluiting, de balustrades en de oorspronkelijke etalagepuien en deuren.
Het ontwerp toont de invloed van architect J.H. Slot. Vermoedelijk is in het ontwerp aansluiting gezocht bij het pand Vaartweg 22 en 22a, op de andere hoek van het blok gesitueerd, en in 1903 ontworpen door J.H. Slot. Ook daar is aan de voorzijde aan de twee winkels een eigen karakter gegeven.

Omschrijving
Het pand werd opgetrokken op een grillig gevormde plattegrond. Het hoofdvolume (winkelhuizen) werd door een laag, smal volume (trappenhuis, keuken) verbonden met de pakhuizen. De open ruimte tussen de winkelhuizen en de pakhuizen werd bestraat met klinkers. Deze open ruimten waren bereikbaar vanuit de woonkamer, de keuken en het pakhuis. De ruimten zijn nu geheel bebouwd.

In 1908 werd op de bestaande keuken van Vaartweg 16 nog een keuken gebouwd en op de werkplaats een privaat.
In 1912 werd de winkelruimte van Vaartweg 16 intern uitgebreid.
In 1939 werd Vaartweg 16 uitgebreid met een kantoor, een magazijn en een bovenwoning. De open ruimte werd bebouwd. De winkelpui werd veranderd.
In 1954 werd de achtergevel van Vaartweg 16 veranderd.
In 1961 werd ook de pui en de indeling van Vaartweg 14 veranderd.
In 1964 werd opnieuw de pui van Vaartweg 16 gewijzigd. In 1966 die van nummer 14.
In 1973 werden de twee winkelhuizen samengevoegd en werd één pui gemaakt. In 1984 werd nog een gedeelte van de tussenmuur op de begane grond verwijderd.

De gevels van het pand zijn opgetrokken uit hardgrauw in kruisverband op een gestucte plint. Het schilddak wordt bedekt met rode shingles. Op de dakrand is een brede geprofileerde lijst aangebracht.

De voorgevel (zuid-oost) bevat op de begane grond een pui. De oorspronkelijke scheiding in twee winkelhuizen is nog herkenbaar door de pilasters die ter hoogte van de verdiepingsscheiding worden afgesloten door hardstenen sierstukken. De vensterbanken van de vensters in de voorgevel zijn van hardsteen.

Vaartweg 14 bevat op de verdieping in het midden een erker. De daklijst wordt ondersteund door consoles. Aan weerszijden van de erker bevindt zich een schuifvenster met bovenlicht met matglas onder hanekam met boogtrommel. De boogtrommel is opgevuld met rode en zwart geschilderde bakstenen.
Op de zolderverdieping is een schuifvenster geplaatst. Het bovenlicht heeft een middenstijl. De boogtrommel onder hanekam is opgevuld met rode en zwart geschilderde bakstenen.
Aan weerszijden van het venster zijn wit geglazuurde tegels bevestigd waarop in een groene kleur het bouwjaar: anno 1906.

Op de zuidhoek lopen de gevels uit in een toren, de topgevel doorbrekend. Alleen de linkerzijde van de topgevel is ontworpen, afgedekt met een hardstenen dekplaat. In de vier zijden van de toren zit een boogvormige opening waarvan de rechte onderzijde wordt afgedekt door een hardstenen dekplaat. De toren heeft een koepeldak en een brede houten daklijst, steunend op houten consoles. De pilaster aan de zuid-oost zijde eindigd in siermetselwerk.

Vaartweg 16 bevat aan weerszijden pilasters. Ter hoogte van de daklijst vormen zij de afsluiting van de balustrade en worden zij afgedekt door een geprofileerde hardstenen kussen.
Op de eerste verdieping zijn twee schuifvensters met bovenlicht geplaatst onder ontlastingsboog. De boogvelden zijn opgevuld met rode en zwart geschilderde bakstenen.
Op de zolderverdieping, in de topgevel, is een venster geplaatst, samengesteld uit een middenraam met bovenlicht met roedenverdeling en twee zijramen zonder bovenlicht. Het middelste raam wordt afgesloten door een ontlastingsboog, de zijramen door een hanekam. De boogtrommel is opgevuld met rode en zwart geschilderde bakstenen.
Aan weerszijden van de topgevel is een balustrade gemaakt van hardgrauw die wordt afgedekt door een hardstenen dekplaat. Bovenin de topgevel is in het midden een ornament gemetseld.

De linker zijgevel (zuid-west) grenst aan Vaartweg 18.

De rechter zijgevel (noord-oost) bevat een recht geveldeel, opgetrokken uit hardgrauw op een gestucte plint en een schuin geveldeel dat gepleisterd is.
Het eerste deel bevat ongeveer in het midden een schoorsteen die gedeeltelijk in de gevel doorloopt. Links hiervan is op de verdieping een venster geplaatst, in het dakvlak een dakkapel.
Rechts is op de begane grond en op de verdieping een venster onder hanekam geplaatst.
Het tweede geveldeel bevat op de begane grond links een deur met venster en links daarvan een groot venster. Op de verdieping is een venster met rechts daarvan een klein venster geplaatst.
Op de begane grond is rechts een grote vensteropening dichtgezet. Op de verdieping is een venster aangebracht.

De achtergevel (noord-west) heeft eveneens een schuin geplaatst geveldeel. In het noord-zuid georiënteerde geveldeel is op de begane grond en op de verdieping een gietijzeren rondboogvenster geplaatst. In het evenwijdig aan de voorgevel gemetselde geveldeel bevindt zich op de begane grond een deur met venster. Op de verdieping zijn openslaande deuren met bovenlicht met glas-in-lood ramen aangebracht.

Klik op een foto
voor een vergroting.



ID: GMH0048