Villa


LocatieGodelindeweg 17
TypeVilla
Onderdeel van
Bouwperiode1897 - 1898
Opdrachtgever
ArchitectHanrath, J.W.
Datum aanwijzing

Inleiding
In 1897-1898 gebouwd landhuis met de naam `VELDHOEVE'. Het landhuis is gebouwd naar een ontwerp van de architect J.W. Hanrath, in een voor de bouwtijd en het oeuvre van de architect karakteristieke, traditionalistische Overgangsstijl. In 1909 en 1924 is het huis aan de zuid- en de oostzijde uitgebreid en verbouwd door Hanrath. In de tuin is van de oorspronkelijke aanleg onder meer een berceau bewaard gebleven. Het met de voorgevel op Hoge Naarderweg gerichte landhuis is gesitueerd aan de rand van een oude eng in het villapark Trompenberg, onderdeel van het Noordwestelijke Villagebied.

Omschrijving
Het landhuis staat met een en anderhalve bouwlaag onder een met kruispannen gedekt, samengesteld zadeldak. De gevels zijn opgetrokken in schone baksteen boven een met een rollaag afgedekt trasraam en zijn voorzien van onder strekken staande recht gesloten en rondboog gevelopeningen, die grotendeels zijn voorzien van roedenverdeling in de bovenramen. De staafankers aan de gevels zijn in de westgevel verwerkt tot datumankers, die ANNO 1898 vormen. Bepalend voor het beeld van huis zijn de tuitgevels die drie zijden van het huis domineren. De geveltoppen worden bekroond door een tuit met uitgemetselde kop en zijn voorzien van vlechtingen, waarop hardstenen dekplaten liggen.
De op de Hoge Naarderweg gerichte westgevel heeft een symmetrische middenpartij onder een dwarskap. Het betreft een topgevel die wordt bekroond door een tuit en in het midden de entree bevat. De entree is een rondboogportiek met een betegeld vloertje en een deur tussen boven- en zijlichten met roedenverdeling en bewerkte kozijnen. Aan weerszijden van de entree staat een met luiken behangen venster. Het boven het portiek staande venster bevindt zich een venster met luiken, onder een houten latei en een rondboogvormige ontlastingsboog. Boven het venster staat een later aangebracht, blind veld tussen rollagen. De geveltop wordt bij de dakvoeten geaccentueerd door uitmetselingen. Het onder een horizontale beëindiging staande linker deel van voorgevel bevat een rondboogvenster met samengesteld, bewerkt raam. Het eveneens onder een horizontale beëindiging staande rechter deel van de gevel behoort bij een in 1909 gerealiseerde aanbouw en bevat een recht gesloten venster met luiken.
De aanbouw staat links tegen de oorspronkelijke zuidgevel en is gericht op de Godelindeweg. De kopgevel van deze aanbouw is ook een tuitgevel en bevat een stel openslaande deuren met luiken met aan weerszijden een venster met vouwluik. In de top van de gevel staat een kleiner venster. De gevel heeft dezelfde detaillering als die van de topgevel aan de westzijde van het huis. Rechts van de aanbouw bevindt zich het rechter deel van de brede, oorspronkelijke zuidgevel met geheel rechts in de gevel een smal venster met tralies en links ervan een boven een kelderkoekoek staand venster met luiken. Ook deze tuitgevel heeft dezelfde detaillering als die van de andere tuitgevels.
D verspringende oostgevel is gewijzigd. Het lage linker deel van de gevel bevat een viertal kleine vensters met tralies, alsmede een luik en een opgeklampte deur. Een hoger opgaande gevelpartij, in de vorm van een Vlaams geveltje met een brede, oorspronkelijk veel hogere tuit bevat een rondboogvormig traplicht en is bepalend voor het beeld van de oostgevel. De terugstaande rechter gevelpartij is voorzien van een groot rondboog venster met samengesteld raam, waarvan de luiken zijn verwijderd.
Het linker deel van de noordgevel is eveneens voorzien van een rondboog venster, waarvan de luiken niet meer aanwezig zijn. Rechts van het venster staat een gemetselde, serre-achtige uitbouw met afgeronde hoeken en tussen versneden steunberen met vensters en een deur boven een gemetseld trapje. De uitbouw heeft een opgemetselde balustrade en een plat, waarop een met luiken behangen deur op uitkomt. De deur staat, evenals het oospronkelijk met luiken behangen venster ernaast onder een rondboogvormige ontlastingsboog en een boogtrommel met baksteenmozaïek. De geveltop bevat een klein venster met kruisraam en is ook hier bekroond met een tuit en voorzien van vlechtingen, deklijsten en uitgemetselde accenten bij de dakvoeten.
In de tuin staat een berceau van uitgegroeide beuken, die waarschijnlijk deel uitmaakte van de oorspronkelijke aanleg van de tuin.

Waardering
Het landhuis is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische, de architectuurhistorische en de ensemblewaarde, alsmede vanwege de gaafheid.
Het landhuis heeft cultuurhistorische waarde als een bijzondere uitdrukking van een typologische ontwikkeling in de bouw van woonhuizen voor de beter gesitueerden.
Het landhuis is van architectuurhistorisch belang vanwege de kwaliteit van het ontwerp, vanwege de voor de bouwtijd kenmerkende hoofdvorm, materiaalgebruik en detaillering en als een karakteristiek ontwerp uit het oeuvre van een vooraanstaand architect.
Het landhuis heeft stedenbouwkundige en ensemblewaarde vanwege de situering en de sterke stedenbouwkundige samenhang met het gebied en als een bijzonder onderdeel van het Noordwestelijke Villagebied, waarmee het een belangrijke historisch-ruimtelijke relatie heeft.
Het landhuis is tevens van belang vanwege de herkenbaarheid en de grote mate van gaafheid van het exterieur.

Klik op een foto
voor een vergroting.






ID: GMH1243