Landhuis


Locatie's-Gravelandseweg 131
TypeLandhuis
Onderdeel van
Bouwperiode1917 - 1917
Opdrachtgever
ArchitectGroot, C. de, Laren, J. van
Datum aanwijzing

Inleiding
Een in 1917 in opdracht van L. Kruseman uit ´s Gravenhage gebouwd landhuis. Het huis is gebouwd naar een ontwerp van het architectenbureau C. de Groot en J. van Laren, in een voor de bouwtijd karakteristieke, aan de Amsterdamse School, verwante bouwstijl. Het huis, dat vroeger bekend stond als de villa met de 31 houten rolluiken, staat op een hoek van de 's Gravelandseweg met de Joelaan, op de grens van de villaparken Nimrodpark en Diergaardepark, die beide deel uitmaken van het Noordwestelijke Villagebied.

Omschrijving
Het pand is opgetrokken in wit geschilderde, gepleisterde baksteen met grijze plint en staat met twee bouwlagen onder een met bitumen schaliën gedekt zadeldak met steekkappen in de vorm van een gebroken zadeldak. De daken zijn samengesteld uit zeer steil staande dakschilden. De gevels zijn voorzien van recht gesloten gevelopeningen met roedenverdeling in de meeste vensters en glasdeuren. De randen van de geveltoppen zijn geschulpt.
De symmetrische voorgevel is samengesteld uit drie delen. In het midden staat een zevenzijdige serre, met vensters met afzaat en diagonale roeden in de bovenlichten die een ruitpatroon vormen. De serre heeft een gesloten balustrade met donkere lijst, waarachter een terugstaande gevelpartij met openslaande deuren en als archivolten verspringende zijden met de risalieten. De deuren staan onder een houten overstek. De risalieten aan weerszijden hebben op de begane grond een stel openslaande deuren onder bovenlichten met roedenverdeling als die in de serre. De verdiepingsvensters staan boven een houten bloembak en zijn voorzien van een decoratieve roedenverdeling. Dit geldt ook voor de smalle zeszijdige toplichten. Tussen de risalieten staat een rechthoekige dakkapel in het dakschild.
Tegen de kopgevel aan Joelaanzijde (oostgevel) staat een serre die in grote lijnen overeenkomt met de serre aan de voorzijde. Links van de serre bevindt zich een rondboogvenster.
Aan de achterzijde is het pand voorzien van een ruime, tweedelige uitbouw met steekkappen. De uitbouw is aan de oostzijde voorzien van een recht gesloten, onder een luifel staande deur en een hoog in de gevel staande venster met roedenverdeling in ruitpatroon.
De veelzijdige zuidkant van de uitbouw bevat onder meer een groot, risalerend trappenhuis met rondom doorgetrokken traplicht met glas-in-lood. Het tegen de zuidzijde staande, lage platte volume bevat een stel openslaande deuren met roedenverdeling onder een gedeeld bovenlicht met roedenverdeling in een ruitpatroon.
De westgevel is vanwege de begroeiing slecht zichtbaar, maar is voorzien van gevelopeningen op drie niveaus. Rechtsachter staat een platte uitbouw met deur in de voorzijde .
De overhoeks staande hekpijlers met ijzeren lantaarns vallen eveneens onder de bescherming.

Waardering
Het landhuis is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische, de architectuurhistorische en de ensemblewaarde, alsmede vanwege de gaafheid.
Het landhuis heeft cultuurhistorische waarde als een bijzondere uitdrukking van een typologische ontwikkeling in de bouw van woonhuizen voor de beter gesitueerde.
Het landhuis is van architectuurhistorisch belang vanwege de kwaliteit van het ontwerp, vanwege de voor de bouwtijd kenmerkende hoofdvorm, materiaalgebruik en detaillering.
Het landhuis heeft ensemblewaarde en stedenbouwkundige waarde vanwege de situering, vanwege de sterke architectonische en stedenbouwkundige samenhang met de villabebouwing aan de `s Gravelandseweg en als een bijzonder onderdeel van de villaparken in het Noordwestelijke Villagebied, waarmee het een belangrijke historisch-ruimtelijke relatie heeft.
Het landhuis is tevens van belang vanwege de herkenbaarheid en de gaafheid van het exterieur.

Klik op een foto
voor een vergroting.





ID: GMH0220