Fabrieksgebouw Houtbereidingsinrichting


LocatieNieuwe Crailoseweg 8
TypeFabrieksgebouw Houtbereidingsinrichting
Onderdeel van
Bouwperiode1909 - 1909
Opdrachtgever
Architect
Datum aanwijzing24-6-2008

Inleiding
De op een speciaal voor en door de spoorwegen aangelegde bedrijfsterrein gesitueerde `houtbereidingsinrichting' is in 1909 gebouwd in opdracht van de H.IJ.S.M (Hollandsche IJzeren Spoorweg Maatschappij). Het gebouw is samengesteld uit een machinekamer met lage zijvleugels en een fabrieksgedeelte voor de verwerking van boomstammen tot spoorbielzen. De lagere delen aan weerszijden van de machinekamer hadden de functie van accumulatorlokaal (oostzijde) en werkplaats met magazijn en kantoor (westzijde). Bij de machinekamer verrezen tegelijkertijd een ketelhuis en een hoge schoorsteenpijp, die beide zijn afgebroken. Ook zijn destijds op het terrein een eveneens verdwenen paardenstal en een administratiegebouw gebouwd. In het inwendige van het houtbereidingsgedeelte zijn in de jaren '50 een ruimte voor de elektriciteitsvoorziening en een werkruimte ingebouwd.
De bielzenfabriek is gebouwd in een voor de bouwtijd karakteristieke overgangsstijl.

Omschrijving
De beide onderdelen van het gebouw zijn gezamenlijk opgetrokken vanuit een rechthoekige plattegrond. Het hoger opgaande westelijke deel van het samengestelde gebouw bevatte de machinekamer, waaruit de machines al lang geleden zijn verdwenen. De machinekamer bevatte één hoge, ongedeelde ruimte onder een met kruispannen gedekt zadeldak. De lage ruimtes aan weerszijden van de machinekamer staan onder een plat dak. In het onder twee met bitumen gedekte sheddaken staande deel van het gebouw bevond zich de ruimte voor de houtbereiding. Hier werd hout tot bielzen werden verwerkt en werd het geïmpregneerd om de houdbaarheid te vergroten. De gevels van het gebouw zijn opgetrokken in schone baksteen en zijn voorzien van getoogde deuren en vensters. De vensters zijn onder de bogen deels dichtgemetseld en daaronder voorzien van nieuwe ramen. De gevels zijn bij deze aanpassing niet beschadigd. De vensters staan boven lekdorpels van hardsteen en geglazuurde baksteen. De kopgevels hebben uitkragende dakranden met een deklijst van afgeschuinde, geglazuurde baksteen en hardstenen hoekstenen. De dakgoten rusten op houten klossen.
Het westelijke bouwdeel met de machinekamer heeft een voorgevel met een symmetrische hoofdvorm. De hoger opgaande middenpartij is een puntgevel met gevelopeningen op twee niveaus. Op de begane grond bevinden zich een hoge recht gesloten gevelopening voor de inrijdeuren en een drietal vensters. De hoger in de gevel geplaatste venterreeks bestaat uit vijf klimmende vensters. De hoeken van de gevel worden geaccentueerd door decoratieve blokken van grijze hardstenen. De zijgevels van dit volume zijn boven de platte zijvleugels ingevuld met zes vensters die per twee tussen lisenen staan.
De iets terug staande lagere gevelpartijen aan weerszijden van de centrale gevel hebben een horizontale beëindiging. De linker gevelpartij bevat twee vensters, de rechter een venster en een deur.
De linker langsgevel van het voormalige accumulatorlokaal bevat vier vensters en een zware, originele deur onder een vierdelig, getoogd bovenlicht. De hoger opgaande zijgevel van het houtbereidingsgedeelte is voorzien van een reeks lisenen, waartussen grote segmentbogen en deels dicht gemetselde vensters zijn opgenomen. Een grotere gevelopening is recht gesloten.
In het lage, linker deel van zuidelijke langsgevel (oorspronkelijk met werkplaats met magazijn en kantoor) zijn vijf vensters opgenomen. De hoger opgaande gevel van het voormalige houtbereidingsgedeelte hierboven is vergelijkbaar met de hiervoor genoemde langsgevel. Ook in deze door lisenen gelede gevel zijn de vensters voor een deel dicht gemetseld.
In de zuidelijke kopse zijde van de hal staan drie (links) en vier (rechts) gekoppelde, grotendeels dicht gemetselde vensters onder een segmentboogvormige overspanningsboog. Beide kopse zijden van het houtbereidingsgedeelte hebben uitgemetselde hoeken waarop gewelfde hardstenen hoekplaten liggen.
In het inwendige van het houtbereidingsgedeelte staan ronde, gietijzeren kolommen waarop de geklinknagelde vakwerkspanten van de dakconstructie op stalen balken liggen.
De wanden van de voormalige machinekamer zijn van gele verblendsteen boven een hoge lambrisering van groen geglazuurde steen. De gevelopeningen hebben afgeschuinde dagkanten (neggen) en staan onder segmentbogen.

Waardering
De voormalige houtbereidingsinrichting is van algemeen belang vanwege de cultuurhistorische, de architectuurhistorische en de ensemblewaarde, alsmede vanwege de gaafheid.
De voormalige houtbereidingsinrichting heeft cultuurhistorische waarde vanwege de bijzondere oorspronkelijke functie als een bijzondere uitdrukking van een typologische ontwikkeling in de bedrijfsarchitectuur. Het gebouw is tevens van belang als een bijzonder onderdeel van de geschiedenis van de Nederlandse spoorwegen.
De voormalige houtbereidingsinrichting is van architectuurhistorisch belang vanwege de kwaliteit van het ontwerp, vanwege de voor de bouwtijd en de functie kenmerkende detaillering en materiaalgebruik, alsmede als een goed en vrij gaaf voorbeeld van een gebouwentype.
De voormalige houtbereidingsinrichting heeft ensemblewaarde vanwege de sterke historische samenhang met het speciaal voor en door de spoorwegen aangelegde bedrijfsterrein.
De voormalige houtbereidingsinrichting is tevens van belang vanwege de herkenbaarheid en de grote mate van gaafheid van zowel het exterieur als het interieur.

Klik op een foto
voor een vergroting.







ID: GMH1389